Exclusief toegankelijk Registreer voor onbeperkte toegang tot ORnet.nl Lees meer

Artikel

OR en bedrijfshulpverlening

0 6217 Arbo

De ondernemingsraad heeft instemmingsrecht bij regelingen over bedrijfshulpverlening (BHV).

De gevolgen van calamiteiten kunnen groot zijn. Daarom is bedrijfshulpverlening een belangrijk onderwerp in het overleg met de bestuurder.

1 Maak BHV onderdeel van het bedrijfsbeleid

Bespreek in de overlegvergadering de visie op BHV. Het zou een onderdeel moeten zijn van het algemene arbobeleid en niet alleen een wettelijke verplichting. BHV draagt bij aan de beheersing van veiligheidsrisico’s. Door de BHV goed te regelen voldoet de werkgever aan de zorgplicht voor medewerkers en derden. BHV is ook belangrijk voor de continuïteit. De bedrijfs- en imagoschade bij brand en de kosten van ongevallen en verzuim kunnen zo groot zijn dat het voortbestaan van het bedrijf in gevaar komt. Laat de bedrijfsleiding een plan opstellen voor de BHV waarin de volgende punten in ieder geval staan.

2 Van RI&E naar BHV

In een goede RI&E hoort te staan wat de veiligheids- en gezondheidsrisico’s zijn en welke maatregelen zijn genomen om de risico’s op brand en ongevallen weg te nemen. Uit de RI&E volgen de zogenaamde restrisico’s: risico’s op brand en ongevallen waarvoor preventieve maatregelen niet mogelijk of niet haalbaar zijn. Voorbeelden van restrisico’s zijn blikseminslag, storm, terrorisme, bommelding, epidemie, risico’s uit de omgeving, enzovoort. Verder zijn specifieke bedrijfsrisico’s van belang. Bijvoorbeeld gevaarlijke stoffen of bedrijfsprocessen. Een goede BHV-inrichting houdt rekening met al die risico’s.
 

3 Bepaal aantal BHV’ers

Voor de arbowetswijziging van 2007 gold een minimum aantal BHV’ers. Op elke vijftig aanwezigen in een bedrijf (dus zowel medewerkers als klanten en bezoekers) moest er minimaal één BHV’er zijn. Dat minimum is nu geschrapt. Het aantal BHV’ers en de organisatie van de BHV hangt af van de risico’s in het bedrijf en vloeit dus voort uit de RI&E. Als OR kunt u natuurlijk wel aandringen om het minimum van een op vijftig uit de oude wet. Bij de meeste bedrijven zal dat zelfs onvoldoende zijn om een zinnige BHVorganisatie op te zetten. BHV’ers hebben in ieder geval de volgende taken:

  • eerste hulp bij ongevallen;
  • bestrijding beginnende brand en
  • beperking van de gevolgen van ongevallen;
  • ontruiming;
  • melding van calamiteiten aan professionele hulpverleners (brandweer, ambulance);
  • bijstaan van professionele hulpverleners. Bijvoorbeeld gidsen van de route in de gebouwen en wijzen op specifieke risico’s.

4 Bepaal normtijden

BHV’ers moeten zo snel mogelijk na de melding van een calamiteit in actie komen. Voor 2007 hanteerde de Arbeidsinspectie een responstijd van drie minuten. Nu is het volgens de wet maatwerk, maar in de ‘brandbeveiligingsconcepten’ van het ministerie van Binnenlandse Zaken staat twee minuten. Controleer hoe het in de BHV-plannen zit met responstijden.
 

5 Opleiding van BHV’ers, instructie medewerkers

Ook de opleiding van BHV’ers is maatwerk en hangt af van de risico’s. Laat de opleiding van BHV’ers aansluiten bij de BHV-taakverdeling. Zorg ervoor dat de medewerkers zijn voorgelicht over wat zij moeten doen bij calamiteiten en dat zij weten wie de BHV’ers zijn. Regelmatig oefenen en evalueren is zeer belangrijk.

 

 

door Redactie ORnet laatste update:18 nov 2010

zie ook

reageer

Of registreer je om te kunnen reageren.