Achterban: wel interesse in OR

0

Het CNV onderzocht hoe de achterban over de OR denkt. De klachten van veel ondernemingsraden dat de achterban nauwelijks interesse heeft in  het OR-werk, blijken ongegrond. Ook wil de achterban best betrokken worden.

‘De achterban heeft geen belangstelling voor wat we doen’, zo klagen veel OR’en. Ze uiten deze klacht omdat ze van alles ondernemen om hun collega’s te informeren en te activeren, maar weinig tot niets van hun achterban vernemen. Sommige OR-leden worden hier boos over: ze vinden dat hun collega’s uit zichzelf belangstelling moeten hebben voor het werk dat de OR verricht. Is deze eis terecht?

Betrokken
Voor mensen die niet direct betrokken zijn bij het OR-werk, is een begroting of een algemeen reorganisatieplan natuurlijk niet bijster interessant. De OR-agenda bestaat echter wel voor het grootste deel uit dit soort onderwerpen. Sommige OR-leden voelen zich ondergewaardeerd door het gebrek aan belangstelling van collega’s. De vraag is echter of mensen zich een goed beeld kunnen vormen van de inspanningen van de OR. En zijn het niet vaak aartsmopperaars die ook voor de OR geen goed woord over hebben?

De OR van een afval- en reinigingsdienst heeft het een periode erg moeilijk met de opstelling van de achterban. OR-leden vinden dat de achterban alleen maar klaagt en nauwelijks reageert op vragen of oproepen van de OR. Als er iets misgaat, dan krijgt de OR de schuld. En dat terwijl de OR zich een slag in de rondte werkt en het nodige voor elkaar bokst in de organisatie. Een oude lichting OR-leden gaat, nieuwe OR-leden komen erbij en men besluit om het geklaag van de achterban voor lief te nemen: een bepaald deel is immers sowieso nooit tevreden, ook als het om andere dan OR-zaken gaat. Wel wil de OR iets aan de communicatie met de achterban gaan doen; besluit is om de achterban regelmatig te horen over zaken die sterk op de vloer spelen. Een zeer goed voorbereide achterbanraadpleging over veranderingen in roosters, levert voorzichtig positieve geluiden op uit de achterban. Geklaagd wordt er natuurlijk ook. Maar dat lijkt opeens een zacht geruis op de achtergrond.

De achterban zal de OR niet vanzelf juichend in de armen vliegen.Van belang is om middelen en wegen te zoeken die afgestemd zijn op specifieke groepen in de achterban en daar energie in te steken.
Perfectionisme
Een eis die sommige OR’en aan zichzelf stellen, is dat er geen fouten gemaakt mogen worden. De meeste OR’en koesteren bij aanvang de wens om invloed uit te oefenen op essentiële zaken en daarbij veel voor de achterban te bereiken. Voor sommige OR’en verandert dit in een eis die ze aan zichzelf stellen: we moeten dingen veranderen in de organisatie, we moeten al onze eigen doelstellingen verwezenlijken en we mogen geen fouten maken. Dergelijk perfectionisme kan verlammend werken. De OR die grootse plannen had, doet uit frustratie steeds minder want zeker in medezeggenschapsland worden Keulen en Aken niet op één dag gebouwd. De OR die geen fouten mag maken, raakt gemakkelijk uit het lood geslagen alleen al omdat de bestuurder meestal meer ervaring in onderhandeling en overleg zal hebben.

De OR van een streeklaboratorium voert goed – en zo nu en dan stevig – overleg met de bestuurder. Het enige moment waarop de OR minder sterk in zijn schoenen staat, is als de bestuurder ad hoc met nieuwe informatie komt. Binnen de OR leeft het idee dat dé adequate reactie een onderbouwd standpunt, dan wel een spervuur van vragen is. Vaak lukt dat niet, en blijven de OR-leden zitten met het gevoel dat de bestuurder zoveel weet en zij nog zoveel moeten leren.
De OR die vindt dat er meteen inhoudelijk perfect op nieuwe feiten gereageerd moet worden, vraagt erg veel van zichzelf. Reëler is om te bedenken dat de bestuurder altijd meer zal weten dan de OR, maar dat hij niet van een OR kan verlangen dat deze meteen weet hoe met nieuwe informatie of omstandigheden om te gaan. En overigens: hoe reageert de bestuurder zelf als de OR hem met een onverwacht voorstel overvalt? De vraag van de OR om een schorsing of om een afspraak te maken voor nieuw overleg is vaak heel redelijk!

Realistische OR
In de WOR zijn allerlei regels vastgelegd over hoe bestuurder en OR met elkaar om moeten gaan. De bestuurder moet informatie geven over belangrijke ontwikkelingen in de organisatie, en moet advies of instemming vragen over een aantal vastgestelde onderwerpen. Het is op zich niet onlogisch dat de OR verwacht dat de bestuurder zich aan de WOR houdt. Toch krijgt een OR die dit tot een wet van Meden en Perzen verheft het lastig. De leden van deze OR zullen zich, elke keer als de bestuurder zich niet aan de wet houdt, mateloos opwinden en daardoor minder effectief handelen. Bovendien leveren ze uit machteloosheid soms eindeloze gevechten over procedures. De OR kan vervolgens wel alle tactieken uit de kast halen om ervoor te zorgen dat er een werkbare situatie wordt gecreëerd. Van belang is dat een OR reële wensen koestert. Een OR die realistisch aankijkt tegen de bestuurder, de achterban en tegen de eigen mogelijkheden heeft een belangrijke voorwaarde geschapen om effectief te opereren.

Tips

– Spreek in een beginstadium een duidelijke werkwijze af ten aanzien van ontwikkelingen die gaan spelen. Laat de bestuurder een planning maken van wanneer er besluiten genomen worden en op welk moment de OR betrokken wordt. Overeenkomstig artikel 24 WOR kan de OR hiervoor het gesprek over de algemene gang van zaken binnen de organisatie gebruiken.
– Neem er geen genoegen mee wanneer stukken laat aangeleverd worden of onderwerpen er doorgejast worden. Stel overleg uit als de OR tijd te kort komt om zich een gedegen oordeel vormen.
– Een enkele bestuurder handelt niet volgens de WOR, omdat hij/zij nauwelijks weet wat erin staat. Misschien een keertje mee op training?
De betrokken achterban
– Een aardige conclusie uit het CNV-onderzoek is dat van de CNV-leden een groot aantal weliswaar geen lid van de OR wil worden, maar bijvoorbeeld wel in een commissie of werkgroep zou willen zitten. De OR zou in de organisatie vakbondsleden kunnen benaderen voor OR-commissies.
– De achterban houdt waarschijnlijk niet van strategienota’s en meerjarenplannen maar wil wel meepraten over onderwerpen die hen direct aangaan. Reorganisatie van de eigen afdeling, werkdruk en verhuizing zijn onderwerpen waar mensen graag betrokken bij willen worden. Mondeling contact en korte enquêtes werken hierbij het beste.
– Het is goed om de achterban regelmatig te informeren; doe dit via een korte leesbare nieuwsbrief; notulen worden niet gelezen (maar moeten wel, indien gewenst, in te zien zijn voor belangstellenden).

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someonePrint this page

Over Auteur

Redactie ORnet

De redactie van ORnet zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van van innovatieve, inspirerende en vooral betrouwbare vakinformatie over OR gerelateerde onderwerpen.

Reageer