Uitsluiting uit de PVT
Het kan gebeuren dat een lid van de PVT zich op een zodanige manier gedraagt, of eigenlijk misdraagt, dat hij daardoor de werkzaamheden van de PVT of het overleg met de ondernemer ernstig belemmert.
Het kan gebeuren dat een lid van de PVT zich op een zodanige manier gedraagt, of eigenlijk misdraagt, dat hij daardoor de werkzaamheden van de PVT of het overleg met de ondernemer ernstig belemmert.
Een arbeidsovereenkomst kan worden aangegaan voor een bepaalde tijd, bijvoorbeeld een maand, een jaar of voor de periode dat iemand moet worden vervangen als gevolg van een ziekte. Een arbeidsovereenkomst kan ook worden aangegaan voor onbepaalde tijd. In de praktijk wordt hiervoor de uitdrukking 'in vaste dienst' gebruikt. Het onderscheid is van belang in verband met het ontslagrecht.
De leden van de PVT zullen hun gebruikelijke werkzaamheden regelmatig moeten onderbreken voor activiteiten die samenhangen met hun lidmaatschap van de PVT. <br>Of het nu gaat om een ambtenaar of een werknemer in de particuliere sector, één van de wezenlijke elementen van de beide arbeidsverhoudingen is het in ondergeschiktheid arbeid verrichten. Maar bij de werkzaamheden die worden verricht in het kader van de PVT ontbreekt de ondergeschiktheid echter. Toch heeft de wetgever bepaald dat die werkzaamheden arbeid zijn op grond waarvan de werkgever verplicht is loon door te betalen.
De PVT mag gebruikmaken van de in de onderneming aanwezige voorzieningen.
Art. 7, WOR de PVT kiest een (plv.) voorzitter uit haar midden Art. 17, WOR de PVT heeft recht op voorzieningen die zij redelijkerwijs nodig heeft ter vervulling van haar taak Art. 18, leden 1 en 2, WOR het aantal uren voor onderling beraad en scholing en vorming moet in onderling overleg worden vastgesteld Art. 21, WOR rechtsbescherming van o.a. de leden van de PVT Art. 22, lid 1, lid 2 (alleen de kosten voor het voeren van rechtsgedingen), lid 3, WOR redelijkerwijs noodzakelijke kosten zijn voor de ondernemer, ook de kosten voor het voeren van rechtsgedingen Art. 22a, WOR de PVT kan niet in de proceskosten worden veroordeeld PVT ex art. 35c WOR art. 27, lid 1, onder b (alleen werktijdregelingen), onder d, leden 3 t/m 6 WOR instemmingsrecht van de PVT m.b.t. regelingen over de werktijden, de arbeidsomstandigheden en het ziekteverzuim; instemmingsprocedure or van overeenkomstige toepassing PVT ex art. 35d WOR art. 27, lid 1, onder b (alleen werktijdregelingen) instemmingsrecht van de PVT m.b.t. de werktijdregelingen; instemmingsprocedure or van overeenkomstige toepassing Art. 31, lid 1, WOR algemeen informatierecht Art. 32, WOR verdere bevoegdheden PVT via: cao ondernemingsovereenkomst PVT ex art. 35c art. 35b, leden 4 en 5 (behoudens arbeidsomstandigheden), WOR bespreking algemene gang van zaken van de onderneming; advies over besluit ondernemer over verlies arbeidsplaats(en) en belangrijke verandering van de arbeid, arbeidsvoorwaarden van een kwart van het personeel Art. 36, WOR algemene geschillenregeling is van toepassing
De PVT bestaat uit ten minste drie personen die werkzaam zijn in de onderneming.
Uit de terminologie 'in dienst van' wordt de gezagsrelatie tussen werkgever en werknemer afgeleid. Die gezagsrelatie heeft tot gevolg dat de werknemer aanwijzingen en/of opdrachten van de werkgever moet opvolgen en/of uitvoeren. Die aanwijzingen en/of opdrachten moeten wel binnen de functieomschrijving vallen of binnen de inhoud van de functie die de beide partijen bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst hebben afgesproken.
De belangrijkste verplichting van de werkgever is het betalen van loon als tegenprestatie voor de verrichte arbeid. De hoogte van het loon hoeft overigens niet uit de arbeidsovereenkomst zelf te blijken, maar kan voortvloeien uit bijvoorbeeld de collectieve arbeidsovereenkomst (cao) of een andere voor de onderneming opgestelde collectieve arbeidsvoorwaardenregeling. Wel moet daarbij rekening worden gehouden met de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WMM). Afspraken over de hoogte van het loon die onder het door deze wet aangegeven minimum liggen gelden niet.
<P>Natuurlijke personen zijn volgens de wet 'mensen van vlees en bloed'. Een wet heeft het nooit over mensen, maar altijd over natuurlijke personen, omdat niet alleen mensen als dragers van rechten en plichten aan het rechtsverkeer kunnen deelnemen, maar ook niet-natuurlijke personen ofwel rechtspersonen en dat zijn geen mensen. </P> <P>Natuurlijke personen zijn alle mensen vanaf hun geboorte. Daarnaast zijn er samenwerkingsverbanden tussen meerdere natuurlijke personen, in de vorm van een maatschap, een vennootschap onder firma of een commanditaire vennootschap.</P> <P>Rechtspersonen daarentegen moeten uitdrukkelijk als zodanig door het recht worden erkend. Het recht verleent dan rechtspersoonlijkheid. Met andere woorden, het recht geeft <UL> <LI>aan een bepaalde groepering (een vereniging, een nv, een bv), of <LI>aan een voor een bepaald doel afgezonderd vermogen (een stichting) de bevoegdheid om op een zelfde manier als natuurlijke personen aan het rechtsverkeer deel te nemen. </UL></P> <P>Rechtspersonen kunnen worden verdeeld in 'privaatrechtelijke' en 'publiekrechtelijke' rechtspersonen. Privaatrechtelijke rechtspersonen zijn de hiervoor al genoemde samenwerkingsvormen, zoals bijvoorbeeld de vereniging en de nv. Publiekrechtelijke rechtspersonen zijn het rijk, de provincies, de gemeenten en andere openbare lichamen, zoals de waterschappen. Deze rechtspersonen worden genoemd in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Daarnaast zijn er instellingen waarvan een ander wettelijk voorschrift aangeeft, dat zij rechtspersoon zijn. Zo bepaalt de Wet op de bedrijfsorganisatie (WBO) dat de Sociaal-Economische Raad (SER) een rechtspersoon is. </P>
De leden van de PVT vergaderen zoveel mogelijk in de normale werktijd.
Verkiezing van de leden van de PVT vindt plaats bij geheime schriftelijke stemming door de in de onderneming werkzame personen.
Een ondernemer kan een door hem vrijwillig ingestelde PVT alleen opheffen als de omstandigheden in de onderneming in belangrijke mate zijn veranderd. Hierbij ligt de nadruk op de arbeidsorganisatie zelf en bijvoorbeeld niet op het functioneren van de PVT.
Een ondernemer met een onderneming waar in de regel meer dan tien en minder dan vijftig personen werken en waarvoor geen ondernemingsraad is ingesteld, kan een PVT instellen.
Een arbeidsovereenkomst is een overeenkomst waarbij een werknemer zich verbindt in dienst van een werkgever (in de terminologie van de WOR een ondernemer) tegen beloning arbeid te verrichten.
De leden van de PVT hebben het recht om hun werk jaarlijks een aantal werkdagen te onderbreken voor het ontvangen van scholing en vorming. De keuze voor de scholing en vorming is vrij, maar het moet wel gaan om scholing en vorming die de leden van de PVT voor de vervulling van hun taak nodig achten.
De ondernemer moet de leden van de PVT de gelegenheid bieden hun normale werkzaamheden te onderbreken voor onderling beraad en voor overleg met andere personen, die al dan niet in de onderneming werkzaam zijn.
De arbeid die een werknemer volgens de arbeidsovereenkomst moet verrichten kan vrijwel iedere willekeurige bezigheid zijn, moeite kostend of niet, van geestelijke en lichamelijke aard.
De bestuurder is degene die alleen of gezamenlijk met anderen in een onderneming rechtstreeks het hoogste gezag uitoefent bij de leiding van de arbeid. De bestuurder vertegenwoordigt de ondernemer in het overleg met de PVT of in de personeelsvergadering.