De koerswijziging bij Maersk komt van de internationale directie in Kopenhagen en geldt wereldwijd, meldt de Belgische vakbond BBTK. Ook de kantoormedewerkers in Rotterdam moeten weer volledig naar hun werkplek aan de Boompjes komen.
Maersk voert volgens Nieuwsblad Transport de verdere ontwikkeling van AI aan als reden voor de maatregel: het concern wil zijn organisatie daarop beter voorbereiden.
Die redenering overtuigt de Belgische werknemersvertegenwoordiging niet. Vakbondssecretaris Joost Lestabel wijst er tegenover DeWereldMorgen op dat teams over Europa verspreid zijn. Ook op kantoor verloopt het contact met directe collega’s daardoor vaak via een beeldscherm.
Stakingen tegen einde thuiswerken
Op 1 oktober legden medewerkers in Antwerpen het werk neer. Op 13 oktober volgde opnieuw actie. Volgens BBTK vrezen werknemers langere reistijden, hogere vervoerskosten en een slechtere balans tussen werk en privé. Gesprekken binnen de overlegorganen en bemiddeling via een verzoeningsbureau hebben de Belgische directie volgens de vakbond niet op andere gedachten gebracht.
Werknemers zijn volgens Lestabel bereid een compromis te zoeken. De werkgever wil naar zijn zeggen wel praten over parkeerproblemen en extra kantoorruimte, maar niet over het behoud van structureel thuiswerken. Daarmee gaat het conflict ook over de ruimte voor overleg: welke onderdelen van een internationaal besluit zijn lokaal nog bespreekbaar?
Maersk breidt ondertussen zijn kantoorruimte in Rotterdam uit. PropertyNL meldde op 14 oktober dat Maersk de huur van zijn Rotterdamse kantoor in Willemswerf langdurig heeft verlengd en uitgebreid. Het bedrijf huurt er zo'n 8100 vierkante meter kantoorruimte.
Booking: van aanbeveling naar verplichting
Bij Booking.com speelt een vergelijkbare discussie, al gaat het daar om 2 verplichte kantoordagen per week. Het bedrijf wil de bestaande sterke aanbeveling om 40% van de werktijd op kantoor door te brengen, omzetten in een individueel geregistreerd minimum. Volgens de OR kunnen aan herhaalde overtredingen disciplinaire gevolgen worden verbonden.
Booking stelt dat fysieke aanwezigheid samenwerking, kennisdeling en bedrijfscultuur versterkt. De OR vindt de noodzaak onvoldoende onderbouwd en mist onderzoek naar minder ingrijpende alternatieven. Na het uitblijven van instemming vroeg Booking de kantonrechter om vervangende toestemming.
"Aanwezigheid op kantoor is een middel, geen doel", zei OR-voorzitter Andy Warburton tegen ORnet. Net als bij Maersk wijst de werknemersvertegenwoordiging op internationale teams: naar kantoor reizen om vervolgens digitaal te vergaderen, levert volgens de OR niet vanzelf betere samenwerking op.
Caterpillar: internationale instructie stuit op instemmingsrecht
Bij Caterpillar leidde de terugkeer naar kantoor al tot een rechterlijke uitspraak. Het internationale concern wilde medewerkers weer alle werkdagen op kantoor hebben. Caterpillar Work Tools in Den Bosch voerde die koers door zonder instemming van de ondernemingsraad.
De kantonrechter oordeelde in september 2025 in kort geding dat de OR daarbij ten onrechte was gepasseerd. Het afschaffen van de thuiswerkregeling veranderde de arbeidsomstandigheden en was daarom instemmingsplichtig. De OR had tijdig de nietigheid ingeroepen; de bestaande thuiswerkafspraken moesten voorlopig worden voortgezet.
Een herkenbare lijn
Deze 3 dossiers - Caterpillar, Booking en Maersk - laten een herkenbare beweging zien: grote internationale werkgevers willen meer zeggenschap over waar medewerkers werken.
Bij Maersk en Caterpillar betekent dat een volledige terugkeer naar kantoor; bij Booking een afdwingbaar minimum. Werknemers en hun vertegenwoordigers vragen daartegenover aandacht voor autonomie, reistijd en de aantoonbare meerwaarde van aanwezigheid. Dat is de overeenkomst tussen deze voorbeelden, al verschillen de maatregelen en procedures.
Aandachtspunt voor OR
Voor Nederlandse ondernemingsraden onderstreept vooral Caterpillar het belang van tijdige betrokkenheid. Een internationale koers maakt lokale medezeggenschapsrechten niet overbodig.
De discussie vraagt bovendien om een concrete onderbouwing: welk probleem moet verplichte aanwezigheid oplossen, welke alternatieven zijn onderzocht en hoe wordt vastgesteld of het nieuwe beleid werkt? Juist over die onderbouwing botsen werkgevers en werknemersvertegenwoordigers.


















